De vraag "Krijgen we niet te veel padden" verbaast mij keer op keer, nog meer de stelling: "Het loopt uit de hand !" Op welke wetenschappelijke berekeningen of sociaal/maatschappelijke feiten is dit gebaseerd? Op het verhaal in de bijbel over de kikkerplaag?
In 1996, na een noodkreet van een van onze leden, zijn tussen Amerongen/Elst 200 padden over de N225 naar de uiterwaarden gezet. Was Dorp & Natuur daar niet mee begonnen, dan was de pad hier nu uitgestorven. In 2008 hebben wij 15.589 padden van het bos naar de uiterwaarden gebracht. Het aantal op het bord (23.600) is inclusief de padden die wij terugbrachten (8.018).
Padden hebben een actieradius van 5km. Rekening houdend met de Rijn aan de zuidkant en de begrenzing van de bebouwing van de dorpen, betekent dat een bereikbare oppervlakte van ong 35km2, ofwel 445 padden per km2 (Nederland heeft 400 inwoners per km2). Landelijk wordt dit aantal padden/km absoluut niet gehaald. Zoals het nu lijkt, is de populatie hier het grootst: we hebben een soort 'paddenstad' (maar probeert u er maar eens overdag een te vinden in het bos!). Een pad heeft een jachtterrein nodig van 50-100m2. We verwachten niet dat het zover komt, maar puur theoretisch berekend, zouden er dus 10.000 padden op een km2 kunnen leven!
Waarom zijn de padden belangrijk?Maar de padden hebben nog een ander nut: zij worden gegeten door o.a. ringslangen, diverse vogels, egels, etc. Zelfs roodborstjes eten kleine padjes. Veel van deze dieren hebben de bovenpolder gevonden als rijke voedselbron.
De meeste (menselijke)buren van het kwelmoeras hebben géén probleem met de toenemende populatie: "we maaien het gras wel een keertje niet en er zit een netje voor ons kelderraam. Wonen aan een natuurgebied heeft zo zijn charmes, leuke en minder leuke....."
Padden vermenigvuldigen zich zonder hulp. Wij zorgen er slechts voor dat het merendeel niet wordt doodgereden. Alleen het voedselaanbod en de dieren die padden eten, zorgen voor een natuurlijke selectie. Auto's op een drukke provinciale weg zullen nooit en te nimmer kunnen zorgen voor een natuurlijk evenwicht.
Amerongen-Elst heeft een hele grote paddenpopulatie. In juli kun je op een mooie dag haast niet op het 'Onderlangs' lopen, miljoenen kleine padjes hippen heen en weer. Maar loopt u dan op een mooie dag prettig langs het strand, met al die mensen en het risico een bal tegen uw hoofd te krijgen? Denkt u eens aan de dagelijkse kilometerslange files, een winkelstraat op zaterdag, 1,5 uur wachten voor een attractie in de Efteling..... U kunt zelf nog wel meer voorbeelden bedenken!
De algemene pad (Bufo Bufo) en de zeldzamere Rugstreeppad zijn inheemse amfibieën, ze horen hier thuis en hebben hun natuurlijke vijanden. Padden bijten niet, steken niet, eten geen bloembolletjes uit de perken en knabbelen niet aan worteltjes in de groentetuin. Ze maken geen gaten in de dijken en brengen geen ziektes over. Ook roven ze géén jonge koolmeesjes uit de nestjes.
4 april 2009,
Marita Flikkema,
Paddenwerkgroep Amerongen – Elst
Vereniging voor Dorp en Natuur Amerongen-Leersum
tel: 0343-456240,
email: marita.flikkema@gmail.com